Vogelstand verder onder druk op het Twentse boerenland

TWENTE - De afgelopen jaren is er steeds meer aandacht gekomen voor het behoud van vogels. Met name in de buitengebieden proberen we zoveel mogelijk soorten te behouden en te versterken. Helaas blijkt dit moeizaam te gaan; sommige soorten lopen nog steeds terug.

Agrariërs en natuurbeheerders hebben de afgelopen jaren al meer gedaan om vogels te beschermen. Onder meer door voorzichtiger te maaien, het maaien uit te stellen en vee meer uit de buurt van kwetsbare nesten te houden. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt slechts een kwart van de nesten van de kievit en grutto beschermd, met name op plekken waar men doet aan agrarisch natuurbeheer.

Afname nestsucces
Uit de cijfers blijkt dat het nestsucces van vogels in het open boerenland helaas afgenomen is; van 60 procent in 2012 tot 40 procent nu als we kijken naar soorten waaronder grutto, kievit, scholekster, slobeend, tureluur en wulp. Als alle nesten ten minste één jong voortbrengen is dit 100 procent nestsucces. In de natuur gaat uiteraard wel altijd een deel van de nesten verloren en lang niet alle kuikens worden uiteindelijk volwassen vogels. De daling komt waarschijnlijk door groter ‘predatieverlies’, zoals vertrapping door vee, weersomstandigheden en opeten door andere dieren. Het nestsucces van de zogeheten erf- en struweelvogels (boerenzwaluw, spotvogel, ringmus, spreeuw, steenuil en torenvalk) is sinds 2000 onverminderd stabiel op zo’n 80 procent.

Meer berichten